Het gaat om een groep jonge criminelen, die wordt opgespoord, berecht en heropgevoed. Het hele project draait om drie zaken: lik op stuk, zorg (wat zit erachter), en de focus op broertjes en zusjes van criminelen, zegt Pieter-Jaap Aalbersberg, korpschef van de politie Amsterdam-Amstelland, tegen BNR's Paul van Liempt.

"Wat we doen is sneller er bovenop zitten, sneller andere interventies doen. En ik zie ook langzamerhand de eerste signalen. We zitten er dichter op. De eerste mensen gaan al uit de groep, omdat ze dit niet meer willen, andere opties kiezen, etcetera."

Bad, sad en mad
Bij de helft van de doelgroep is sprake van een verstandelijke beperking of van een psychiatrische aandoening. "Je hebt de groep van de bad, de sad en de mad. Voor de bad zijn wij, de sad moet je behandelen, maar er is ook een grote groep waarvan we moeten erkennen dat we er als samenleving patroon en werk voor het leven aan moeten bieden."

Anders is het risico levensgroot dat ze in de criminaliteit blijven als draaideurcrimineel. Dat daar 250 rechercheurs voor nodig zijn is volgens Aalbersberg bepaald geen verspilling van capaciteit. "Ik ben blij dat we in de groep mad levenslang structuur, patroon en werk aan moeten bieden. De hele politie, het Openbaar Ministerie en de rechtbank kosten meer geld. Het is in het totaal een veel goedkopere oplossing dan er steeds achteraan blijven jagen en opsluiten."

En de resultaten zijn ernaar, constateert Aalbersberg. "We hebben net twee keer een volle week gehad in Amsterdam zonder overval. Als het gaat om winkel- of fietsendiefstal maken wij andere keuzes dan bij de high-impact."