Meer Nieuws24 okt '12 22:08

Universiteiten houden succesvol hun hand op

Auteur: Fleur de Bruijn

Universiteiten in Nederland zijn voor hun inkomsten voor meer dan tien procent afhankelijk van privaat geld.

Dat blijkt uit een onderzoek van de Algemene Rekenkamer.

In totaal harkten de dertien Nederlandse universiteiten in 2009 liefst 1,1 miljard euro binnen aan geld dat niet van de overheid kwam en dat bedrag stijgt sindsdien door.

Derde geldstroom
Volgens de rekenkamer kregen in 2009 de Nederlandse universiteiten tussen de 44 en 188 miljoen euro - tien tot 26 procent van de jaarinkomsten - binnen uit de zogenoemde ‘derde geldstroom’. Daar vallen, naast opbrengsten uit speciale cursussen aan derden, ook de opbrengsten onder van specifiek onderzoek in opdracht van overheden, instanties en bedrijven zoals bijvoorbeeld Philips.

Aandeel neemt toe
Uit een aantal recente jaarverslagen van verschillende universiteiten blijkt dat het aandeel van privaat geld alleen maar toeneemt. Zo steeg de opbrengst uit de ‘derde geldstroom’ tussen 2009 en 2011 in Delft van 135 naar 143 miljoen euro, bij de Erasmus Universiteit van 136 naar 150 miljoen en in Leiden van 135 naar 164 miljoen.

Gevaar
De rekenmeesters zien daar echter gevaar in, omdat de ‘publieke taak’ van universiteiten in gevaar kan komen. Ze kunnen volgens de onderzoekers niet aantonen dat deze ‘contractonderzoeken’ bijdragen aan een goede leerschool. Ook zouden universiteiten door onderzoek te doen in opdracht, de markt verstoren voor andere onderzoeksinstellingen.

Geldstromen
Anderzijds benadrukt de rekenkamer dat de universiteiten wel in hun recht staan. "De middelen vanuit de overheid nemen de afgelopen jaren sterk af. De middelen uit de derde geldstroom maken het juist voor universiteiten mogelijk om te investeren in kwaliteit’’, laat de Universiteit van Twente weten.

De eerste geldstroom is de rijksbijdrage, de tweede geldstroom is subsidie voor onderzoeksprogramma’s uit de kluis van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW).

Niet concurreren
De Vereniging van Universiteiten (VSNU) laat weten dat er juist wordt samengewerkt met bijvoorbeeld de Europese Unie, collectefondsen zoals het Astmafonds, overheidsorganisaties en het bedrijfsleven om onderzoek aan te laten sluiten bij de maatschappij. Daarbij is er al tien jaar een afspraak dat universiteiten niet met marktpartijen concurreren, alleen met elkaar.

"Het onderzoek aan de Nederlandse universiteiten vindt in wereldwijde concurrentie plaats. Dit juicht de VSNU van harte toe. Het gaat immers om het realiseren van de kwalitatief beste onderzoeksresultaten.’’

Gerelateerde artikelen