Nieuws6 mrt '15 15:28Aangepast op 6 mrt '15 15:43

Dimitri Verhulst: 'Ik ben pokkesaai'

Auteur: Bram van Dijk

Vanavond is het Boekenbal in Amsterdam en de koning van het bal, Dimitri Verhulst, schreef het boekenweekgeschenk 'De zomer hou je ook niet tegen'. Paul van Liempt sprak met hem.

Dimitri Verhulst. Foto: Atlas Contact
Dimitri Verhulst. Foto: Atlas Contact

Over humor
De Vlaamse schrijver wordt vaak omschreven als humoristisch. Vindt hij dat vervelend? "Ik kan daar mee leven. Ik denk dat ik met de nodige humor in het leven sta. Het nadeel is of zou kunnen zijn dat mensen verwachten dat ik altijd grappig ben."

Uiteraard heeft hij ook wel eens een sombere bui. "En heel vaak gaat dat samen. Somberheid en humor. Zwartgalligheid en humor. Ik vind humor een verhevener vorm van wenen."

Over waanzin
Thema van deze boekenweek is waanzin, ook een thema in het geschenk van Verhulst. Staat waanzin dicht bij de schrijver en de persoon Dimitri Verhulst? "Nee, ik ben eigenlijk pokkesaai. Ik ben volkomen normaal. Het hoort niet voor een schrijver, eigenlijk, maar ja. Het is treurig om te zeggen, maar ik ben volkomen normaal."

Hij heeft maar één waanzin in zich. "De enige vorm van waanzin die ik mag kennen, gelukkig, is die van de verliefdheid. Maar dat is ook de mooist vorm van waanzin."

De hoofdpersoon in zijn boek - een zestiger - vertelt aan zijn imbeciele zoon hoe verzot hij was op diens moeder. "Het is absoluut een liefdesverhaal. Iets wat niet echt van deze tijd is. Ik bedoel: de liefde, jongens, wie schrijft daar nu over? De liefde. En vooral niet in positieve zin. Liefde is in de literatuur alleen maar interessant als het naar de klote is gegaan. Over geluk schrijven we in de verleden tijd. Maar het bestaat wel. Je moet altijd weer die uitdaging aangaan om ook over geluk te kunnen schrijven."

Over Céline
Verhulst is een groot fan van de zwartgallige Franse schrijver Louis-Ferdinand Céline. "Ik vind die meesterlijk. Een onwaarschijnlijk grootse stijl. 'Reis naar het einde van de nacht' is een buitengewoon groot boek."

Toch vindt hij het 'een rare kerel'. "Het was een antisemiet. Ik vind het heel raar om te zeggen dat ik het boek van een antisemiet goed vind. Ik moet daar echt de tweedeling maken. Ik moet daar echt de kunstenaar en de mens proberen te scheiden en dat lukt mij wel bij Céline."

De Fransman stak zijn jodenhaat niet onder stoelen of banken. "Maar die remloosheid is ook stilistisch. Hij heeft dat befaamde beletselteken, die drie puntjes omdat hij nooit die zin wil afmaken. Bijna alsof je zijn ademhaling moet voelen, of dat hij daar even naar adem hapt en dan weer met een nieuwe teug verder schrijft. Heerlijk."

Over Mondriaan en Van Gogh
Zelf hoopt hij ook ooit zo herkend te worden. "Het zou mooi zijn als dat op een dag eens zou gebeuren. Ik kijk ontzettend op naar Mondriaan, bijvoorbeeld. Er is maar één Mondriaan, er is maar één Van Gogh. Je hoort Richard Thompson gitaar spelen en je zegt: dat is Richard Thompson. Omdat hun stijl bijna als een handtekening, als een identiteitskaart is. Louis-Ferdinand Céline heeft dat ook. Je ziet één pagina Céline en je zegt: dit is Céline."

Maar dat maakt het ook een beetje saaier, vindt hij. "Ik ben een grote fan van José Saramago, maar als ik er dan tien boeken van gelezen heb denk ik: waarom zou ik nog een elfde boek van hem moeten lezen? Het gaat om variatie vinden binnen die eigen stijl."

Over het Boekenbalcircus
Hij heeft wel zin om de komende week als koning van de Boekenweek door het land te trekken. Ook het Boekenbal van vanavond kan hem bekoren. "Ik vind het onwaarschijnlijk wat er hier gebeurt. Ik kom in een stad die een week lang feest viert om het feit dat er boeken zijn."


Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen