Nieuws4 jun '12 15:34Aangepast op 4 jun '12 16:52

Update | Oplossing privatisering zelden bedacht

Auteur: Fleur de Bruijn

Privatiseren gebeurde de afgelopen 30, 40 jaar om van een probleem af te zijn, of om de begroting sluitend te maken.

Dit tekent het Financieele Dagblad op uit de mond van Herman Tjeenk Willink, de voormalig vice-president van de Raad van State, die vandaag voor de parlementaire onderzoekscommissie verscheendie nut en noodzaak van privatisering in kaart brengt.

Eerst naar motieven kijken
Willink was de eerste die mocht aantreden en zette direct de toon. Volgens hem is er bij het privatiseren en de verzelfstandigingen zelden geanalyseerd wat het probleem nu eigenlijk was en of privatisering de oplossing was.

“Kijk eerst eens naar motieven waarom ooit is besloten bepaalde zaken wel door de overheid te laten doen. Die analyse wordt nooit gemaakt. Het is vaak een poging om van een probleem af te komen, eerder dan een probleem op te lossen. Mijn indruk is dat de vraag meestal simpel was: wat kan worden geprivatiseerd? Er werd niet geanalyseerd welk probleem daarmee werd opgelost en wat het publieke belang is en hoe je dat borgt”, zei Tjeenk Willink.

Niet ten gunste algemeen belang
Het voormalig lid van de Eerste Kamer namens de PvdA is geen fervent voorstander van privatiseren, omdat dit volgens hem niet automatisch ten gunste is van het algemeen belang. “Het leidt bijvoorbeeld tot veel controles. Controle op de controle zelfs. Zo hebben we een heel brede tussenlaag gekregen. Daar hebben de uitvoerders extreem veel last van.”

Volgens BNR’s Hans Verbeek is Tjeenk Willink altijd kritisch geweest over privatisereing, “dus die commissie is koren op zijn molen”, zegt Verbeek. “Altijd is zijn kritiek geweest dat er niet wordt gekeken wat de voordelen voor de burger zijn.”

Het was dus niet alleen duidelijk waarom bedrijven zelfstandig moesten worden. En als dat gebeurde, werd er naar Europa gewezen: “Er werd vaak gezegd dat het moest van Europa maar dat was helemaal niet waar. Nederland ging vaak verder dan Europa voorstelde. Europa dwingt helemaal niet tot privatiseren: Europa diende als alibi.”

Enkele lessen
Voor de toekomst moeten er enkele lessen worden geleerd, meent Tjeenk Willink: “We moeten nauwkeuriger kijken naar onbedoelde en onderschatte effecten, zowel bij overheid als bij geprivatiseerde instellingen. Zo wordt vaak een minister op afstand gezet, maar hij blijft wel aanspreekbaar. De inhoudelijke deskundigheid van de overheid loopt terug, daar moet juist in worden geïnvesteerd. Een onbedoeld effect is bijvoorbeeld dat de staat burgers als klant aanspreekt, niet als burger.”

Als tweede belangrijke verbeterpunt herhaalt Tjeenk Willink de controledrang: “Dan is er de tussenlaag van controle op controle. Ik heb me verbaasd dat nooit is nagegaan hoeveel geld daar aan opgaat en aan overhead in de keten tussen minister en uitvoerders. Die tussenlaag is stabiliserend, maar draagt bij aan verzwakking van de democratische rechtsstaat.”

Parlementair onderzoek
Vandaag begint de Eerste Kamer met een parlementair onderzoek naar de verzelfstandiging van overheidsdiensten sinds het begin van de jaren ’90. Het onderzoek is ingesteld omdat burgers de nadelige gevolgen hebben gehad van de vele verzelfstandigingsoperaties van de afgelopen jaren. De hoofdvraag die de commissie onder leiding van Roel Kuiper, senator voor de ChristenUnie, stelt is hoe er in het parlement tot een beslissing is gekomen om te privatiseren en of daarbij de belangen van de overheid en de burger zijn meegenomen.

De Senatoren spitsen hun eerste parlementaire onderzoek ooit toe op vier cases: de verzelfstandiging van de Nederlandse Spoorwegen, van uitkeringsinstantie UWV en van de beheerder van het elektriciteitsnetwerk TenneT. Ook de privatisering van KPN wordt onder de loep genomen.

Vanmiddag komen nog twee adviseurs van de Rijksoverheid aan het woord: Alexander Rinnooy Kan, voorzitter van de SER, en Saskia Stuiveling, president van de Algemene Rekenkamer.

 


Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen