Nieuws8 dec '11 11:58Aangepast op 8 dec '11 13:23

Meer vertrouwen in euro dan in overheid

Auteur: Thijs Baas

De meerderheid van de Europese private investeerders blijft ondanks de crisis geloven in een gezamenlijke munt. Alleen in crisislanden Portugal en Griekenland is de steun nogal versnipperd.

Dat blijkt uit aanvullend onderzoek in tien Europese landen als onderdeel van de GfK Investment Barometer, die tot stand is gekomen in samenwerking met GfK Verein en Wall Street Journal Europe.

Euro-minded
Nederland ontpopt zich als relatief euro-minded, ook ten opzichte van landen als Frankrijk en Duitsland. Volgens verslaggever Stefan de Vries is dat deels verklaarbaar uit de reislustigheid van de Nederlander. "Misschien is de Nederlander in het algemeen wat minder depressief dan bijvoorbeeld de Fransen."

Positiever
Ewout Witte van GfK denkt dat Nederlanders positiever zijn dan aanvankelijk gedacht. De "Wilders-aanpak" kan volgens hem op minder steun rekenen dan wellicht in eerste instantie lijkt. Vooral de negatieve houding van de Duitsers tegenover het optreden van Merkel vindt hij opmerkelijk.

Kritisch
Uit het GfK-onderzoek blijkt dat burgers zich kritisch opstellen tegenover de aanpak van de financiële crisis door hun overheid. Slechts een minderheid beschouwt het crisismanagement in hun land als goed tot heel goed.

Het onderzoek leverde in de volgende zeven eurolanden en drie niet-eurolanden behoorlijk verschillende resultaten op:  

Griekenland
Zoals viel te verwachten is het percentage mensen dat de crisisaanpak van de eigen overheid als slecht kwalificeert in Griekenland het hoogst: 79 procent. Liefst 58 procent vind de aanpak zeer slecht. 44 procent gaat ervan uit dat de euro over tien jaar niet meer de munteenheid is.

Italië
In Italië is de situatie nauwelijks rooskleuriger: liefst 33 procent van de Italianen kwalificeert de aanpak van de eigen overheid als slecht, 43 procent zelfs al zeer slecht. Van de Italianen wil 31 procent de lire terug.

Spanje
Ook Spanje kampt met een zeer magere beoordeling door de eigen bevolking: 78 procent geeft een slechte tot zeer slechte beoordeling, terwijl slechts 7 procent er de kwalificatie 'goed tot zeer goed' aan geeft. 40 procent van de respondenten wil de peseta terug.

Portugal
Iets gunstiger is het beeld in Portugal, al meent ook daar nog altijd 64 procent dat de crisis slecht tot zeer slecht wordt aangepakt. Toch denkt liefst 40 procent van de Portugezen dat de euro over tien jaar niet meer de munteenheid is in het land.

Frankrijk
Ook Sarkozy is er maar matig in geslaagd de Franse bevolking tevreden te stemmen. Maar tegenover de 58 procent van de Fransen die de aanpak van de regering negatief beoordeelt staat een vergelijkbaar percentage dat de euro als munteenheid wil behouden. Volgens 67 procent is de euro over tien jaar nog de munteenheid in het land.

Duitsland
De dominante houding van Angela Merkel in de Europese aanpak van de crisis vertaalt zich niet in groot enthousiasme onder de bevolking: 63 procent beschouwt haar optreden als ondermaats. 66 procent verwacht over tien jaar nog de euro als munt te hebben, 40 procent hoopt dat dat niet zo is.

Nederland
Ons land steekt gunstig af tegen de andere onderzochte eurolanden: 22 procent is positief, 31 procent is neutraal of heeft geen mening en een minderheid is negatief gestemd over de aanpak van Rutte cs. 70 procent van de Nederlanders wil de euro behouden, 80 procent rekent erop dat dat de komende tien jaar ook het geval is.

Groot-Brittannië, Polen en Zweden
De Britten zijn redelijk te spreken over hun overheid: 44 procent oordeelt negatief, 40 procent is neutraal en 16 procent is positief. In Polen is de bevolking behoorlijk positief: slechts 38 procent is negatief, 42 procent neutraal en de rest positief.

Alleen in Zweden is bijna de helft van de bevolking te spreken over de handelswijze van de overheid. Slechts 14 procent is negatief en de overige 39 procent is neutraal of heeft geen mening.

Gerelateerde artikelen