Beurs12 nov '12 06:15Aangepast op 12 nov '12 07:53

Faillissement van bedrijven vaak onnodig

Auteur: Anne-Greet Haars

Bedrijven worden te snel tot faillissement gedwongen. Dat komt omdat de faillissementswet uit 1893 te weinig ruimte biedt voor een doorstart of een andere oplossing.

In alle ons omringende landen is dat veel beter geregeld, schrijft het Financieele Dagblad vanochtend.

Uit een rondgang van het FD onder verschillende partijen - de rechtbank, advocaten, curatoren en banken - blijkt dat dwarsliggende schuldeisers een onaantastbare positie hebben in Nederland. En dat kan schadelijke gevolgen hebben voor de economie en de werkgelegenheid.

Continuïteit
"In Nederland is de discussie vooral gericht op hoe de koek wordt verdeeld na een faillissement en de wetgeving is niet gericht op de continuïteit van een bedrijf", vertelt FD-journalist Joris Kooiman.

"De rechter kan in Nederland pas na een faillissement z’n wil opleggen aan crediteuren. Dat betekent dat een redelijk en kansrijk saneringsplan voor een bedrijf met meerdere schuldeisers, getorpedeerd kan worden door één dwarsliggende crediteur. Door die reden belanden bedrijven in een faillissement, terwijl het wellicht helemaal niet zou hoeven.”

Ook zijn er te veel onzekerheden om nog voordat een bedrijf in betalingsproblemen is gekomen, in stilte met de schuldeisers en een curator, een doorstart te organiseren.

Urgent
Kooijman vertelt dat door de crisis steeds meer bedrijven in financieringsproblemen komen. “Het probleem is om die reden urgenter dan ooit.”

"In 2003 is de commissie Kortmann ingesteld. Die hebben vier jaar lang gewerkt aan een plan om de faillissementswet te renoveren. Maar het plan is een la beland en heeft de Kamer nooit beland. Misschien om de wet teveel zou veranderen of omdat het geen prioriteit had.”

Gerelateerde artikelen