Economie9 jul '20 18:21

'Opvallende parallellen S&P 500 met Grote Depressie'

Auteur: BNR Webredactie

De huidige ontwikkeling van de S&P 500 heeft opvallende parallellen met de Grote Depressie van de jaren '30. Ook toen was er na de val van Wall Street van 1929 een relatief snel herstel, dat ongeveer zes maanden stand hield. En ook toen zetten handelsbeperkingen de internationale verhoudingen ernstig onder druk, zegt Bart van Ark, hoofdeconoom bij de Conference Board, in BNR De Wereld.

De S&P 500 lokte destijds handelaren die zich overgaven aan 'een soort fomo-effect' (fear of missing out) en die rekenden op een verdere stijging van de aandelenkoersen. 'Dat was eigenlijk de enige reden: dat iedereen dacht: het kan alleen maar beter worden, dus nu kopen, want het is lekker goedkoop. Dat is ook wat we volgens mij op dit moment zien: het is zó sterk gevallen, het trekt vast wel weer wat aan, dus laten we nu maar vooral kopen.'

Beluister ook | Corné van Zeijl | Corona-belegger, kijk eens naar buiten

Deze self-fulfilling prophecy hield ongeveer zes maanden stand, voordat de markt maar liefst twee jaar lang onderuit ging. En juist dát scenario is volgens Van Ark ook nu zeker niet denkbeeldig. 'President Hoover introduceerde destijds importtarieven om de Amerikaanse economie te beschermen. En dat leidde tot vergeldingsmaatregelen uit onder meer Canada en Europa. En welke president we straks ook krijgen: die handelsvraagstukken zullen onder zowel Trump als Biden een issue zijn.'

Stagflatie

In allerlei herstelscenario's wordt gewezen op de zegeningen van de huidige lage rente. Maar die is volgens Van Ark allerminst een garantie voor een heilzaam vervolgtraject. 'Voor de langere termijn hebben we twee termen: secundaire stagnatie en stagflatie. Het eerste betekent een langdurige vertraging van de economie door de lage rentes, met een lage inflatie en weinig vraag. Daardoor hebben we een economische groei die op de langere termijn stagneert.'

Beluister ook | IMF: Sterkere krimp én herstel Nederlandse economie

Stagflatie kan optreden als de economie stagneert, terwijl de inflatie toch oploopt. In de nasleep van de coronacrisis is dat volgens Van Ark geen onwaarschijnlijk scenario. 'Supply chains kunnen gaan haperen als de vraag naar bepaalde producten en diensten zó snel verandert dat het aanbod het niet meer bij kan houden. Als dat gebeurt, kun je een stijgende inflatie krijgen, die leidt tot de vraag of de centrale banken reageren en de rente omhoog gaan doen.'

Verlichting inflatoire druk

Overigens is ook een scenario denkbaar waarin een structuurverandering van de economie leidt tot veel nieuwe bedrijven, met nieuwe technologieën en innovaties en productiegroei, zegt Van Ark. 'Dat zou een positieve impuls zijn voor de economie en de inflatoire druk kunnen verlichten.' Het positieve scenario zal een vinkje laten zien, waarin de groei rond augustus wat afvlakt. 'Als dat het geval is zal de totale economische activiteit in de loop van 2021 terug zijn op het oude niveau.'

Beluister ook | Ongekend in Vredestijd | De V van verrijzenis of vergeet het

Een nieuwe corona-uitbraak kan nog wel roet in het eten gooien. 'De effecten zullen dan waarschijnlijk niet zo sterk zijn als in april. We hebben wel een aantal lessen geleerd.' Het midden-scenario is een double dip, een normale recessie aan het eind van het jaar. 'Als consumenten de werkgelegenheid en de economie zien verbeteren maar hun inkomen niet, vrezen we een vraagrecessie in de tweede helft van het jaar, die zeker de economie zal vertragen.'

2020-05-08 16:42:41 The New York Stock Exchange (NYSE) on May 8, 2020 in New York City. Wall Street stocks gained in opening trading Friday, shrugging off April employment figures that showed an unprecedented spike in job losses and unemployment. Shortly after the opening bell, the Dow Jones Industrial Average stood at 24,209.65, up 1.4 percent. Johannes EISELE / AFP
2020-05-08 16:42:41 The New York Stock Exchange (NYSE) on May 8, 2020 in New York City. Wall Street stocks gained in opening trading Friday, shrugging off April employment figures that showed an unprecedented spike in job losses and unemployment. Shortly after the opening bell, the Dow Jones Industrial Average stood at 24,209.65, up 1.4 percent. Johannes EISELE / AFP (AFP)

Gerelateerde artikelen