Media3 okt '22 06:20Aangepast op 3 okt '22 07:36

Nepnieuws verschuift van openbare sociale media naar privékanalen, Nederlander maakt zich amper zorgen

Auteur: Niels Kruize

Desinformatie verspreidt zich tegenwoordig vaker via online privékanalen, zoals Telegram, WhatsApp plus besloten Facebook- en Twittergroepen, dan via openbare sociale media. Dat zeggen verschillende experts tegen BNR na rondvraag. Tegelijk maken Nederlanders zich volgens een rapport van het Commissariaat van de Media minder druk over nepnieuws. ‘En daar zit het gevaar’, waarschuwt Gwenda Nielen, socioloog en onderzoeker naar online manipulatie.

(ERALD VAN DER AA / ANP)

‘St. Anthony’s College, waar Sigrid Kaag haar MPhil heeft gedaan, wat weinig meer is dan een opleidingsinstituut voor Westerse geheime diensten.’ Zo sprak twee weken terug partijleider Thierry Baudet van Forum voor Democratie de Tweede Kamer toe. Kamervoorzitter Bergkamp ontnam hem vervolgens het woord, terwijl het kabinet de Kamer verliet achter Kaag aan.

Op de Publieke Omroep verscheen daarvoor nog een uitzending van Ongehoord Nederland over het 'racisme tegen de witte man', met videobeelden die niets met de bewering te maken bleken te hebben. Maar net als bij de spionage-opmerkingen in de Kamer, was ook hier het zaadje bij veel tv-kijkers al gepland.

Lees ook | Weisglas: 'Weglopen uit Kamer hoort niet'

'Nepnieuws gaat tegenwoordig goed verstopt in feitelijk nieuws', constateert Gwenda Nielen, socioloog en onderzoeker naar online manipulatie. 'Ze zijn als het ware gecamoufleerd met feiten, maar de cruciale inhoud is verdraaid of suggestief. Dan denk je iets kritisch te lezen, maar het tegendeel blijkt waar.’

Afname

Frappant genoeg ziet het Commissariaat van de Media juist dat in alle leeftijdsgroepen steeds minder mensen nepnieuws tegenkomen. ‘Onder meer omdat socialmediabedrijven meer optreden tegen de verspreiding van nepnieuws, zoals het blokkeren en schorsen van accounts en het verwijderen van onjuiste berichten', stelt Alexander Pleijter, expert in online journalistiek en factchecking aan de Universiteit van Leiden.

Mede door het verwijderen van nepnieuws op de grote internetplatformen blijven de zorgen over mis- en desinformatie in Nederland klein in vergelijking met landen als Frankrijk, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Maar Gwenda Nielen, socioloog en onderzoeker naar online manipulatie, stelt vast dat de Nederlander nepnieuws juist door de afname op onder meer Facebook en Twitter ook minder goed herkent. ‘Dat is zeer kwalijk', meent ze.

Lees ook | YouTube verwijdert 9000 kanalen om desinformatie Oekraïne

Doordat nepnieuws nu vaker via privékanalen wordt verspreid, neemt dat nieuwe risico’s met zich mee, meent Nielen. ‘Gelijkgestemden kunnen echter wel sneller radicaliseren als ze in een echo kamer zitten waar enkel 'eigen gelijk' wordt getolereerd.'

Camouflage

Of de Nederlander nu minder goed nepnieuws herkent door de nieuwe 'camouflage', kan Pleijter niet zeggen: ‘Dat durf ik niet voor mijn rekening te nemen. Wat mij logischer lijkt is dat mensen het minder vaak tegenkomen, door het harde optreden van socialmediabedrijven tegen nepnieuws.’

Pleijter zegt ook dat mensen meer gewend zijn geraakt aan nepnieuws en daarom sociale media mijden als het om nieuws gaat. ‘Je ziet ook een beweging van mensen die het meer zijn gaan mijden door meer gebruik te maken van nieuwssites en nieuwsmedia. Ze hebben als het ware een strategie ontwikkeld om nepnieuws uit de weg te gaan.’

Of er kan worden gesproken over een toename in nepnieuws, is lastig. ‘Daar zijn geen cijfers van, maar het aantal is zeker niet gedaald’, zeggen beide experts.


Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen