Politiek2 dec '13 10:01Aangepast op 2 dec '13 13:14

Inlichtingendiensten moeten ook online alles kunnen inzien

Auteur: BNR Webredactie

Inlichtingendiensten AIVD en de MIVD moeten ook op internet ongericht alle data en informatie kunnen onderscheppen. Dat adviseert de commissie-Dessens die de Wet op de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten heeft geëvalueerd.

"Het is aan de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten CTIVD om van tijd tot tijd na te gaan of de aanbevelingen ook worden nageleefd. Zeker als ze de verantwoordelijkheid krijgen om bindende aanbevelingen te doen, zullen ze moeten nagaan of die aanbevelingen ook worden nageleefd. Dat is ook hun taak", zegt commissievoorzitter Stan Dessens tegen verslaggever Jeroen Stans.

Dessens bepleit een verruiming van de bevoegdheden voor de inlichtingendiensten. "Door de explosieve groei van internationale kabelnetwerken wordt het steeds belangrijker dat de diensten ook het kabelgebonden internetverkeer kunnen verkennen en analyseren in het belang van de nationale veiligheid",  zo schrijft de commissie.

Ongericht
"Tot nu toe mogen de diensten ongerichte informatieverzameling alleen uit de ether halen. Wij bevelen aan om die bevoegdheid ook te laten gelden voor informatie die over de kabel gaat. De diensten zullen altijd moeten beargumenteren waaróm en waarvoor ze toestemming willen hebben en daar moet de nationale veiligheid altijd een rol in spelen", zegt Dessens.

De betreffende minister zal 'eigen second eyes' moeten hebben om zich een oordeel te kunnen vormen over het voorstel van de diensten. "Om die informatievergaring te starten heeft de dienst toestemming nodig. Die toestemming vragen ze aan de minister en die laat zich daarin terzijde staan door een eigen bureau dat beoordeelt of de toestemmingsaanvraag terecht wordt gedaan."

Het gaat in eerste instantie om de gegevensverzameling, zegt Dessens. "En op het moment dat er van de informatie gebruik gaat worden gemaakt, is er een tweede toestemming nodig. Het gaat erom of de taak die ze hebben om een dreiging van nationaal belang te onderkennen, of de informatie die ze daarvoor binnenhalen ook gebruikt mag worden en die informatie mag alleen gebruikt worden als daar een tweede toestemming voor wordt gegeven."

Achterhaald
De commissie concludeert dat de oude wet achterhaald is, meldt verslaggever Jeroen Stans. "Er is inmiddels zo'n groei geweest van het 'niet-kabelgebonden dataverkeer', dat ook daar de inlichtingendiensten ongelimiteerd zouden moeten kunnen rondneuzen. Daar moeten wel hele strenge voorwaarden aan worden verbonden."

Volgens de commissie moet je daarvoor de wet veranderen, zegt Stans, zodat je als het ware 'met een sleepnet gegevens kunt binnenharken'. "In eerste instantie moeten de ministers Hennis Plasschaert en Plasterk telkens toestemming moeten geven, maar ook de commissie die toezicht houdt op de veiligheidsdiensten moet eigenlijk bij iedere stap worden gehoord en een oordeel geven. De commissie vindt het van ontzettend groot belang dat de regels streng zijn en dat de overheid zorgt dat er draagvlak is."

Onderscheppen
In de praktijk betekent dit dat de AIVD en de MIVD alle informatie die via internet wordt verstuurd mogen onderscheppen en inzien. Dat vereist wel ‘verdergaande waarborgen’, schrijft Dessens. "De evaluatiecommissie beveelt aan om in de wet te regelen dat de AIVD en de MIVD bij het onderscheppen van data- en telecommunicatieverkeer voor iedere stap toestemming van hun minister moet hebben."

Daarnaast moet er strenger toezicht worden gehouden door de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten CTIVD. "Het oordeel van de CTIVD moet juridisch bindend zijn. Als de CTIVD vindt dat een bepaalde onderzoeksbevoegdheid niet ingezet mag worden, dan moet die inzet direct gestaakt worden. Gegevens die al verzameld zijn, moeten worden vernietigd."

Garanties
Gerard Schouw, Tweede Kamerlid D66, vindt het nog wat voorbarig om de wet aan te passen. "Voordat de wet wordt aangepast moeten er eerst garanties zijn dat het toezicht op de Nederlandse inlichtingendiensten (AIVD en MIVD) op orde is. De deur wordt wagenwijd opengezet naar het ongericht data verzamelen van iedereen. Onschuldige Nederlanders worden hiermee als verdachten behandeld. Dit kan niet zonder democratische en rechtstatelijke garanties. En we moeten 100 procent zeker zijn dat het toezicht op orde is. Daar is nog veel onduidelijkheid over. Minister Ronald Plasterk moet dit eerst ophelderen, voor die tijd geen aanpassingen van de wet.''

Verruiming
Ook zijn SP-collega Ronald van Raak vindt dat er nog te veel onduidelijkheden zijn, zei hij vanochtend, voorafgaand aan de presentatie van het rapport: "Ik verwacht dat er een verruiming van de wet wordt voorgesteld, zodat onze inlichtingendiensten ook ongericht op de kabel mogen zoeken, zoals de NSA ook doet. En ik verwacht ook dat er voorstellen komen om het toezicht op de geheime diensten wat te verbeteren."

Vooral met het eerste punt is Van der Raak niet blij. "We hebben al die afluisterschandalen en we zien dat onze geheime diensten toch nauwer betrokken zijn bij de Amerikanen dan we altijd hebben gedacht. De kans is groot dat onze geheime diensten onze eigen wetten overtreden. Dan vind ik niet dat we onze wetten maar moeten oprekken, maar eerst goed moeten uitzoeken wat er allemaal precies aan de hand is. En wat onze en andere geheime diensten precies uitspoken."

"Het is belangrijk dat de geheime diensten voldoende mogelijkheden hebben om terroristen op te sporen. Nu zien we echter dat de Amerikanen misbruik maken van deze gemeenschappelijke strijd om economische, wetenschappelijke en politieke spionage te plegen. Ook zien we dat onze geheime diensten nauw samenwerken met de NSA."

Helder advies
GroenLinks-Tweede Kamerlid Linda Voortman: "Het is goed dat er nu een helder advies ligt om kritisch te gaan kijken naar de discrepantie tussen de wettelijke bevoegdheden en de dagelijkse praktijk bij de inlichtingendiensten. De commissie-Dessens adviseert echter om de wet aan te passen aan de praktijk. Gezien de informatie die de afgelopen weken bekend is gemaakt over de werkwijzen van de inlichtingendiensten sluit ik niet uit dat de inlichtingendiensten hun praktijk moeten aanpassen aan de wet. Het is daarom belangrijk dat er een diepgravend parlementair onderzoek komt naar de bevoegdheden en het handelen van onze inlichtingendiensten en de manier waarop de Kamer die kan controleren.''

Gerelateerde artikelen