Door Reinout van Wagtendonk
De Amerikaanse spin is dat president Obama wel wilde, maar president Rohani niet. Beide leiders hadden elkaar per ongeluk/expres kunnen ontmoeten tijdens een algemene VN-lunch voor wereldleiders gisteren in New York.
Er was contact over die mogelijkheid tussen de twee landen, wat op zichzelf al als een teken werd gezien dat de verkiezing van de nieuwe Iraanse president eerder deze zomer een opening zou kunnen opleveren voor een andere verhouding dan die er bestond toen oud-president Ahmadinejad het anti-Amerikaanse boegbeeld van het Iraanse regime was.
Maar uiteindelijk sloeg Rohani die lunch toch maar over. Volgens Amerikaanse functionarissen was de verklaring daarvoor van hun Iraanse collega’s dat het intern in Teheran "te gecompliceerd" lag om nu al door te zetten met een symbolische handreiking.
Problematische verhoudingen
Het
contact dat er gisteren was, ging daarom via de toespraken van de twee
presidenten voor de Verenigde Naties. Zo benadrukte president Obama dat hij niet gelooft dat de problematische verhoudingen tussen beide landen overnacht kunnen worden opgelost.
"Wel geloof ik dat als wij het probleem van Irans nucleaire programma weten op te lossen, dit een belangrijke stap zal zijn op de lange weg naar een andere relatie die gebaseerd is op wederzijdse belangen en wederzijds respect."
Obama benadrukte dat hij niet zal toestaan dat Iran een kernwapen in handen krijgt, maar benadrukte ook dat hij voorlopig de diplomatieke weg zal blijven kiezen omdat hij gelooft dat een vreedzame oplossing van het conflict over het Iraanse kernwapenprogramma mogelijk blijft.
Dezelfde grieven
Later op de dag de beurt was aan president Rohani. De nieuwe
Iraanse president stipte dezelfde grieven aan die zijn voorganger Ahmedinejad
altijd noemde als een advocaat voor zijn eigen land, maar ook voor andere
minder ontwikkelde landen over de rol van het militair dominante Amerika.
Maar Rohani sprak minder confronterend. Hij echoode Obama in zekere zin. Wederzijds respect. Niet toegeven aan de druk van oorlogszuchtige partijen. Dan kunnen onze tegenstellingen in een beheersbaar kader worden opgelost, zei hij, hier vertaald door een VN-tolk.
Nieuwe toon
Het
moment bleek dinsdag nog niet rijp voor een ontmoeting tussen de twee
presidenten. Maar als er een nieuwe toon en een wederzijdse wil tot een
verbetering van de relatie is, dan is er morgen de volgende mogelijkheid om dat
te bewijzen.
In het kader van overleg tussen de vijf permanente Veiligheidsraadsleden plus Duitsland met Iran over het kernwapenprogramma zitten de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken en zijn Iraanse collega voor het eerst in zes jaar om dezelfde tafel. Als de ministers Kerry en Zarif elkaar morgen vervolgens ook nog apart, onder vier ogen spreken dan is dat een teken van vooruitgang.