Politiek28 aug '14 13:25Aangepast op 28 aug '14 14:05

Bussemaker: Leraren zouden blij moeten zijn

Auteur: Marjan van den Berg

Onderwijsbond AOb vindt dat minister Bussemaker voor haar beurt praat als zij leraren een persoonlijk scholingsbudget belooft. Bussemaker op haar beurt vindt dat leraren blij moeten zijn en met de scholen moeten gaan praten over de besteding van het geld.

Leraren in het basis- en voortgezet onderwijs krijgen een jaarlijks persoonlijk budget van 500 tot 600 euro om aan scholing uit te geven, zo meldt het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Twee jaar onderhandelingen
“Wat we hier presenteren, is eigenlijk de weerslag van gesprekken en onderhandelingen die we de afgelopen twee jaar met het hele onderwijsveld hebben gevoerd”, zegt minister Jet Bussemaker in een toelichting op BNR.

“In het regeerakkoord stond al dat we meer geld wilden vrijmaken voor professionalisering van leraren. Daar hebben we met het hele onderwijs – van basisonderwijs tot wetenschappelijk onderwijs – indertijd het Nationaal Onderwijsakkoord over gesloten. Vervolgens is dat verfijnd met afspraken tussen het departement en de verschillende onderwijssectoren (…). Op basis daarvan zijn cao’s tot stand gekomen. Het geheel daarvan presenteren wij nu.”

Dit “geheel” wil volgens de minister zeggen dat er 1,2 miljard euro vrij komt voor de “verdere professionalisering van leraren”.

Voorlopig karakter
Walter Dresscher, voorzitter van de Algemene Onderwijsbond, is niet bepaald enthousiast. “Er is in die cao-onderhandelingen over gesproken, maar de werkgevers wilden dat niet toekennen, dus het staat nu alleen genoemd als een mogelijkheid. Die cao is ook nog niet goedgekeurd. Het is alleen een onderhandelaarsakkoord en heeft dus een heel voorlopig karakter. De minister is geen partij bij de cao-onderhandelingen, maar heeft wel het onfatsoen om met de resultaten de publiciteit te zoeken. Ik vind het echt ongehoord.”

Daar is Bussemaker het niet mee eens. Zij benadrukt dat de meeste cao’s inmiddels gewoon uitgevoerd kunnen worden. “Alle cao’s zijn goedgekeurd, behalve die voor het basisonderwijs. Dit is het moment voor ons om aan te geven wat we de afgelopen twee jaar hebben gedaan. En ik kan me niet anders voorstellen dan dat leraren blij zouden moeten zijn met de maatregelen die leiden tot verlaging van de werkdruk, meer mogelijkheden voor scholing en daar ook inspraak over te hebben, bestrijding van voortijdig schoolverlaten, et cetera.”

De minister vindt dat het verder aan werknemers en de onderwijsinstellingen is om er samen  uit te komen. “Wij vinden dus ook dat docenten hierover het gesprek met de scholen aan moeten gaan en dat zij dan ook wel aan moeten geven: hier wil ik het voor gebruiken. De een heeft misschien behoefte aan ict-vaardigheden en de ander heeft misschien behoefte om met verschillen tussen leerlingen om te gaan en de ander wil misschien nog weer wat anders. Daarover moet het gesprek plaatsvinden, niet tussen mij en de leraren, maar tussen de leraren en de scholen waar zij werken.”


Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen