Hemmen7 feb '13 11:55

Gouden handjes maken de maakindustrie

Auteur: Thijs Baas

Het grootste probleem voor het topsectorenbeleid is het gebrek aan ondernemerschap in het wetenschappelijk onderzoek, dat daardoor onvoldoende aansluit op de vraag van bedrijven.

Dat zegt Thecla Bodewes, eigenaar en directeur van Scheepswerf Bodewes in het Overijsselse Hasselt. "Universiteiten zijn niet gedreven door ondernemerschap, het is niet echt vraaggestuurd onderzoek. En als bedrijf moet je heel snel ondernemen om je markt bij te houden." Wat nodig is, volgens Bodewes, is onderzoek waarvan bedrijven weten hoe lang het mag en gaat duren en waar vervolgens geld mee te verdienen is.

Dat geldt voor de grote bedrijven, maar wat Bodewes betreft geldt het evengoed voor het MKB. "Ik ken wat van de heren en dames die de brandbrief over het topsectorenbeleid hebben ondertekend. Dat ze het beleid afkeuren is niet helemaal waar; het gaat niet zozeer over de structuur van het topsectorenbeleid, maar over de vraag of het geld op de goede plek terechtkomt en dat het moet leiden tot economische groei. Daar ben ik het volledig mee eens."

Ongevraagd advies
Vanuit de Adviesraad voor het Wetenschaps- en Technologiebeleid geeft Bodewes ongevraagd advies over beleidszaken, ook aan MKB-bedrijven. "Het is buitengewoon nuttig dat er niet alleen wetenschappers in de adviesraad zitten. Hoe kunnen we de mkb'er laten groeien en innoveren? Als je niet onderneemt, innoveer je ook niet. De mkb'er wordt wel degelijk serieus genomen."

En dan is er nog de financiering, die de afgelopen jaren toch een stuk lastiger is geworden. "Je moet kunnen ondernemen en doordat de banken op slot zitten is dat moeilijk. Vroeger werd er gekeken naar de ondernemers, nu naar punten en cijfertjes. Dat geldt voor bijna alle banken. Daarom is het fijn dat we kunnen werken met kredietfinanciering. Dat is geld van ondernemers, die willen graag meedoen en die helpen ons enorm."

Als Zakenvrouw van het Jaar 2011 heeft Bodewes wel degelijk een streepje voor als ze op zoek is naar financiering. "Maar arme mkb'ers lopen dat mis. Ze moeten met agentschappen en ministeries praten en met VNO-NCW. Het belangrijkste is dat wij als voorbeeld kunnen dienen."

Maakindustrie
Een goed topsectorenbeleid heeft ook baat bij een sterke maakindustrie. Het grootste probleem wat Bodewes betreft zijn de grote tekorten in de maakindustrie. "Die kennisindustrie en maakindustrie zijn het unique selling point van de Nederlandse maakindustrie. Maar als wij niet al onze gouden handjes aan het werk hebben, is dat een groot probleem." 

Toekomst is er zeker voor de Nederlandse maakindustrie, als het aan Bodewes ligt. Hoewel arbeidskrachten elders in de wereld vaak goedkoper zijn, weet ze uit haar eigen baggerwereld dat er voor Nederland juist in de maakindustrie nog grote kansen liggen. De casco's die Bodewes maakt zijn dan wellicht iéts duurder, maar dat verschil is verwaarloosbaar. En dan wordt al gauw de kwaliteit doorslaggevend.

Ook de meeste ROC's zijn zich er inmiddels van bewust dat ze meer met het bedrijfsleven moeten doen. Maar het besef dat technische scholing echt cruciaal is voor de toekomst van het Nederlandse MKB. "Wat het belangrijkste is dat ze op de basisschool niet alleen maar juffen krijgen die niet alleen maar onderwijskundig goed zijn, maar ook op techniek gericht. Dus ook met lego bouwen, hutten bouwen, maar ook al op jonge leeftijd met techniek te maken krijgen."

Kwaliteit
Want technische kwaliteit wordt wereldwijd erkend, meent Bodewes, ook in de scheepsbouw. "Casco moet een bepaald karakteristiek hebben in vorm, gewicht en intelligentie. Wij leveren op tijd en ook de garantie dat 'ie in de exploitatie zijn geld terugverdient en dan hou je toch je klanten bij je." Juist om die goede prijs-kwaliteitverhouding te handhaven is het volgens Bodewes van groot belang dat onderzoek en maakindustrie goed op elkaar aansluiten.

Zuid-Amerika is als afzetmarkt steeds interessanter. Begin maart gaan de eerste twee schepen van Bodewes naar Colombia. Wij kijken wel altijd naar hoe de schepen worden onderhouden. Maar dat is meer een ontlasting voor onszelf. Wij willen graag dat de Colombianen zelf de schepen gaan onderhouden." Toch blijft de blik nadrukkelijk op Europa gericht. "Wij kijken niet alleen naar Zuid-Amerika, wij kijken ook dicht bij huis en doen heel veel voor Frankrijk."


Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen