Vluchtelingencrisis26 nov '15 09:45Aangepast op 26 nov '15 11:56

Voorwaarden aan bed, bad en brood stellen mag

Auteur: Marjan van den Berg

Gemeenten hoeven uitgeprocedeerden niet op te vangen. Ze mogen hen doorverwijzen naar een door het Rijk aangewezen locatie. Verder mag de staatssecretaris bij het bieden van 'bed, bad en brood' voorwaarden stellen aan uitgeprocedeerden.

Voorzitter Lubberdink (Vreemdelingenkamer) leest de uitspraak van de Raad van State voor. Foto: ANP
Voorzitter Lubberdink (Vreemdelingenkamer) leest de uitspraak van de Raad van State voor. Foto: ANP

Dit blijkt uit uitspraken van de Centrale Raad van Beroep en de Raad van State.

De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de gemeente Amsterdam opvang mag weigeren aan uitgeprocedeerde asielzoekers, en hen voor onderdak mag doorverwijzen naar een zogenoemde 'vrijheidsbeperkende locatie'. Uitgeprocedeerde asielzoekers die hier verblijven, mogen de locatie wel verlaten, maar zijn verplicht binnen de grenzen van de gemeente te blijven.

De zaak bij de Centrale Raad van Beroep draaide om een groep uitgeprocedeerde vreemdelingen die de gemeente Amsterdam had verzocht hen opvang te bieden. De uitgeprocedeerden vonden dat ze recht hadden op opvang in Amsterdam. Ze wezen een verblijf in een door het kabinet bepaalde plek af, omdat ze naar eigen zeggen niet verplicht hoeven mee te werken aan terugkeer naar hun land van herkomst. Dat is een voorwaarde die het Rijk mag stellen voor deze opvang.

RvS
De Raad van State oordeelde in een andere zaak dat staatssecretaris Dijkhoff (Veiligheid en Justitie) bij bed-, bad- en broodopvang in een zogenoemde 'vrijheidsbeperkende locatie' mag eisen dat een uitgeprocedeerde meewerkt aan zijn of haar vertrek uit Nederland, behalve in bijzondere omstandigheden. Een voorbeeld van zo'n bijzondere omstandigheid is dat iemand psychisch niet in staat is de consequentie te begrijpen als hij/zij niet meewerkt.

Aanleiding voor deze uitspraak was een verzoek van een Iraanse asielzoeker om onderdak en leefgeld. Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie) had als voorwaarde gesteld dat de Iraniër niet de gemeente uit mocht waar hij verbleef, en dat hij moest meewerken aan zijn vertrek. De Iraniër was het daar niet mee eens.

De rechtbank haalde eerder een streep door het beperken van de bewegingsvrijheid bij bed-, bad- en broodopvang. Daartegen ging Dijkhoff in hoger beroep. De Raad van State stelt de staatssecretaris nu in het gelijk.

Eerste reactie Dijkhoff
De staatssecretaris toont zich in een eerste reactie tevreden.

 

Compromis
Het kabinet had eerder dit jaar afgesproken om de opvang van illegalen in vijf grote steden en Ter Apel te regelen. Dat zou voor een "beperkt aantal weken'' zijn. De opvang kan langer duren als vreemdelingen meewerken aan hun terugkeer of als er een andere oplossing wordt gevonden.

De coalitie van VVD en PvdA was tot dit compromis gekomen na een dagenlang dreigende crisis. De afgelopen maanden is dat coalitieakkoord met de gemeenten besproken. De uitkomst van dat overleg is nog steeds niet duidelijk, ook niet of het echt vrijheidsbeperkende locaties worden. Het kabinet wilde eerst het oordeel van de Raad van State afwachten.


Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen