Lijst trekken

Jaap Jansen28 nov '19 06:584 minuten
Of luister de podcast via:

Over de aflevering

Om de paar jaar zien we hetzelfde patroon. Het lijsttrekkersseizoen breekt aan en politici die willen reiken naar het allerhoogste kunnen daar niet goed mee overweg. Het is in onze calvinistische cultuur not done voluit je ambitie te tonen. Toen ik een half jaar geleden VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff vroeg hoe het is om alom beschouwd te worden als kroonprins van premier Mark Rutte, zei hij: ‘Laat mij die last nou maar dragen.’ Zo van: iemand moet het doen.

Aan het begin van dit nieuwe lijsttrekkersseizoen zie ik een groot verschil tussen oppositiepartijen en die van de coalitie. Het lijsttrekkerschap van Geert Wilders staat al vast. Bij 50plus is Henk Krol opnieuw voorgedragen en ook voor Lodewijk Asscher, Jesse Klaver en Lilian Marijnissen verwacht ik geen concurrentie.

In de vier coalitiepartijen is wél van alles aan de hand. Rutte is inmiddels negen jaar premier en na zo’n lange periode wordt het vaak link om je te handhaven. Vandaar Dijkhoff als kroonprins tegen wil en dank. Bij het CDA hebben ze vicepremier Hugo de Jonge, minister van Financiën Wopke Hoekstra en volgens staatssecretaris Mona Keijzer zijn er ook nog kroonprinsessen. In D66 maken fractievoorzitter Rob Jetten en minister Sigrid Kaag nauwelijks meer een geheim van hun grote droom, maar het hoge woord is er nog niet uit.

En zelfs de kleine ChristenUnie is in het openbaar aan het tobben geslagen. ‘Een groot vraagteken’, noemde Gert-Jan Segers een prolongatie van zijn lijsttrekkerschap vorige week bij Sven Kockelmann op Radio 1. En nee, vicepremier Carola Schouten is ‘echt nog niet bezig’ met de vraag wat ze hierna gaat doen. In de podcast Betrouwbare Bronnen zegt ze deze week: ‘Het zijn grote vragen met grote consequenties voor jezelf en voor mensen in je omgeving. Het is altijd een groot vraagteken, waarbij er op een bepaald moment een keer een punt moet komen.’

Pim Fortuyn had geen last van dat Hollandse ‘wij generen ons’- calvinisme. Toen hij midden in de nacht uit Leefbaar Nederland werd gezet en je zou dus zeggen op een dieptepunt was aangeland, klonk uit zijn Daimler: ‘Vergis je niet. Ik word minister-president!’ Hij was de beste en schaamde zich niet dat zelf dan ook maar te zeggen. At your service!

Deze week zag ik een filmpje waarin Thierry Baudet in zijn favoriete auto rondjes mocht rijden over de Amsterdamse grachten. Als een verliefde puber bestuurde hij de Jaguar. Ook Thierry wil natuurlijk minister-president worden. Hoewel? ‘Het moet’, zegt hij, ‘Ik offer me op voor het land. Maar eigenlijk hou ik me veel liever bezig met boeken schrijven en zo.’

Zelfs Baudet ziet het dus als een opdracht, een moetje waar je niet onderuit komt. Daarin verschilt hij dan weer niets van de door hem zo gehate ‘kartelpolitici’.

ALLE COLUMNS VAN JAAP JANSEN: Klik hier