BNR In Alle Staten12 sep '16 15:16Aangepast op 16 sep '16 13:40

Alabama: het echte, diepe zuiden

Auteur: Bernard Hammelburg

Alabama is in bijna elk denkbaar opzicht de meest authentieke en symbolische staat in het Amerikaanse ‘diepe zuiden’. De afscheidingsbeweging die de burgeroorlog veroorzaakte had daar haar wortels, het verzet tegen integratie was nergens zo groot, maar werd ook juist daar gebroken.

Officieel wordt met ‘het diepe zuiden’ de eerste groep van Amerikaanse staten bedoeld die zich in 1861 losmaakten van het federale gezag in Washington en hun eigen ‘Confederatie’ begonnen. De oprichting van de beweging begon in Montgomery, tot vandaag de hoofdstad van Alabama. Natuurlijk heeft het begrip ook een gevoelswaarde. ‘Het diepe zuiden’ is een soort mengeling van mysterieus, ver weg, onverstaanbaar accent, de tragiek van het racistische verleden, ontroerende kerkkoren en oer-conservatisme.

Het is allemaal waar. Maar Alabama is ook de staat waarin Huntsville ligt, bijgenaamd de ‘rakethoofdstad’. Een technologisch hoogstandje, beroemd door de ontwikkeling van de eerste raketten voor de ruimtevaart, met als hoogtepunt het Apollo-programma en de landingen op de maan. Net als Massachusetts, had Alabama al een Silicon Valley lang voordat iemand van de huidige versie in Californië had gehoord. Het was de woonplaats van Wernher von Braun, die al voor de Tweede Wereldoorlog met zijn collega’s in Peenemünde Adolf Hitlers ‘droomwapen’ ontwikkelde, de V-1 en V-2 raket. V stond voor ‘vergeldingswapen’. Nazi-Duitsland terroriseerde er in de tweede helft van de oorlog Groot-Brittannië en bezet West-Europa mee. Na de oorlog ‘verdeelden’ Amerika en Rusland de nazi-Duitse luchtvaart- en wapenexperts, en Von Braun kwam in Huntsville terecht. Niet als oorlogsmisdadiger, maar als held van het Amerikaanse ruimteprogramma. In plaats van achter de tralies verscheen hij op radio en tv om de wonderen van zijn uitvindingen toe te lichten. Er zijn mooie foto’s van president Kennedy, die hem kwam opzoeken en een raket-college kreeg.

Waarschijnlijk denken we bij Alabama niet aan raketten, maar aan burgerrechten. Misschien wel de belangrijkste demonstratie die ooit in Amerika is gehouden, was de mars van Selma naar Montgomery, begin 1965, geleid door dominee Martin Luther King, de kampioen van het geweldloze protest. Het Congres had kolossale ruzie over president Johnsons Wet op het Stemrecht, die erop moest toezien dat minderheden onbelemmerd konden stemmen. De mars was bedoeld om zwarte kiezers te begeleiden naar het stembureau om zich als kiezer te registreren, en daarmee de politiek onder druk te zetten. Tijdens de mars werden de demonstranten zo heftig bedreigd door de staats- en gemeentepolitie, dat Johnson de Nationale Garde opriep om de stoet te begeleiden. Het Congres – vooral de Democraten – greep de gelegenheid aan om allerhande vertragingstrucs te proberen, maar Johnson reageerde op de voor hem typerende manier: hij bracht de wet versneld in stemming, en won.

Het was drie jaar nadat een van de meest controversiële politici uit de Amerikaanse geschiedenis, George Wallace tot gouverneur van Alabama was gekozen, met steun van de Ku Klux Klan, en met als motto ‘rassenscheiding nu, rassenscheiding morgen, rassenscheiding voor altijd’. Dat viel op, ook binnen de Democratische partij, die – in elk geval in het diepe zuiden – goeddeels bestond uit mensen die de apartheid omarmden. Een jaar later, 1963, werd hij, letterlijk, wereldberoemd door twee zwarte studenten die via de rechter toelating tot een blanke universiteit in Tuscaloosa hadden afgedwongen, tegen te houden door in de deuropening te gaan staan en de toegang te blokkeren. Federale agenten die de studenten begeleidden sloegen alarm, waarop president Kennedy honderd soldaten van de Nationale Garde van Alabama stuurde. Uiteindelijk stapte Wallace, even demonstratief, opzij.

Dossier Verkiezingen VS

In Alabama mag een gouverneur maar één termijn dienen. Wallace werd niettemin vier keer gouverneur, telkens door een aantal jaren te wachten en zich dan opnieuw verkiesbaar te stellen. Intussen deed hij ook een aantal keren mee aan de presidentsverkiezingen, onder andere als Democratisch rivaal van George McGovern in 1972 en van Jimmy Carter in 1976. Zijn laatste periode als gouverneur was van 1983 tot 1987. In die periode zocht ik hem op en had een lang gesprek met hem. Hij had zich steeds meer opgeworpen als man van het midden, en sprak openlijk over zijn racistische verleden. Hoe kon u zo zijn?, vroeg ik natuurlijk. Omdat hij toen, in de jaren van de apartheid, met hart en ziel in de scheiding van de rassen had geloofd, terwijl hij in zijn nadagen de integratie juist omarmde. Op de vraag waarom hij, tegen beter weten in, die twee studenten had tegengehouden, keek hij me lang aan, met een peinzende glimlach, en zei toen: ‘Ach, het is lang geleden, dus we praten er maar niet meer over.'

Dossier Verkiezingen VS

Gerelateerde artikelen